Jouw slimme auto: wat is er op 1 april veranderd?

Alle nieuwe auto's moeten verplicht uitgerust zijn met het automatische noodoproepsysteem eCall. Wij leggen uit hoe dat werkt.

19.04.2018
Door Céline R

Je auto is er misschien al mee uitgerust, vooral als hij nog nieuw is. De eCall is een kleine knop die in het plafond zit. Bij problemen of een ongeval, volstaat het op de knop te drukken om de dichtstbijzijnde hulpdiensten te bellen, overal in Europa.

Die nieuwigheid komt er na een Europese regel die in 2015 werd goedgekeurd en die autoconstructeurs verplicht eCall standaard aan te bieden (en dus niet meer louter als een betalende optie). Zo willen de Belgische en Europese overheden het aantal verkeersdoden terugdringen.

De hulpdiensten kunnen op twee manieren verwittigd worden. Ofwel manueel, door de knop in te drukken. Ofwel detecteert het systeem een ongeval (omdat bijvoorbeeld de airbags zijn uitgeklapt). In dat geval wordt er een oproep naar 112 gestart. Het systeem detecteert het probleem en geeft de gps-coördinaten van het voertuig door. Zo winnen de hulpdiensten kostbare tijd, vooral wanneer de bestuurder niet in staat is om te spreken.

Het systeem, dat tot voor kort gemiddeld 200 euro kostte, wordt voortaan standaard gemonteerd, zonder dat je het moet vragen. De eCall werkt met een simkaart en heeft een gps-chip.

Wat als je wagen al wat ouder is? Je kan het systeem altijd laten installeren, zelfs al word je daartoe niet verplicht. Ook oudere auto's kan je ermee uitrusten. Zo bestaan er ook apparaatjes die je kan aansluiten op de sigarettenaansteker of op een usb-poort. Zo'n systeem kost gemiddeld 200 à 250 euro. Voor die prijs krijg je er vaak één of twee jaar mobiele dienstverlening bij.